Belastingaangifte doen na een overlijden.

Wat moet er gebeuren?

Circa 2 weken na een overlijden stuurt de belastingdienst naar het laatste woonadres van de overledene een condoleancebrief. In die brief wordt gevraagd een contactpersoon op te geven. Het ligt voor de hand dat de langstlevende of een kind zich hiervoor opgeeft.

Deze contactpersoon wordt benaderd voor het (laten) verzorgen van aangiftes en betalen van aanslagen. Als over voorgaande jaren aangifte IB is gedaan door de overledene, ontvangt de contactpersoon enkele weken later een F-formulier, voor aangifte Inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen aangifte over het jaar van overlijden.

Deze aangifte moet uiterlijk op 1 april na het jaar van overlijden gedaan worden.

Daarnaast maakt de belastingdienst een inschatting of nabestaanden Erfbelasting verschuldigd zijn. Is dit het geval dan volgt ook nog een aangifteformulier Erfbelasting, dat binnen 8 maanden na ontvangst moet worden ingeleverd.

Wanneer is Erfbelasting verschuldigd?

Dat hangt af van de hoogte van de nalatenschap en van soort en aantal erfgenamen. De nalatenschap is het vermogen van de overledene. In geval van “gemeenschap van goederen” is dat de helft van het gezinsvermogen. Dit vermogen betreft WOZ waarde van een eigen woning, saldi van (spaar)rekeningen, waarde beleggingen, overig onroerend goed, dagwaarde auto, caravan en vorderingen. Hiervan mogen hypotheek en andere schulden worden afgetrokken.

De nalatenschap, die mag worden verminderd met begrafenis- en notariskosten, komt toe aan langstlevende en kinderen. Dus niet aan schoonkinderen! Overlijdt een ouder,nadat een kind al is overleden, en had dat kind zelf kinderen, dan erven die kleinkinderen gezamenlijk een kindsdeel.

Voor een langstlevende geldt een vrijstelling van meer dan € 600.000, die volgens een bepaalde rekenregel verminderd wordt met een stuk nabestaandenpensioen

Voor een kind, of een kleinkind waarvan de ouder is overleden, is de vrijstelling ca. € 19.500.

Hier volgt een voorbeeld :

Opa overlijdt, Oma leeft nog. Zij waren gehuwd binnen gemeenschap van goederen. De helft van hun vermogen is en blijft dus van Oma. Er zijn uit dit huwelijk 3 eigen kinderen.

Op moment van overlijden was de WOZ waarde van: het eigenhuis € 300.000; saldi en beleggingen € 16.000 en de dagwaarde van de auto € 4.000. Geen ander bezit. Hypotheek nog € 90.000, geen andere vorderingen of schulden. Vermogen dus € 230.000, en de nalatenschap € 115.000.

De nalatenschap wordt verdeeld naar Oma en de 3 kinderen, dus elk € 28.750. Oma blijft ruim onder de voor een partner geldende vrijstelling. Ook elk kind erft € 28.750, maar kan daar pas over beschikken als oma overleden is. Afhankelijk van de leeftijd/levensverwachting van Oma, past de fiscus daarom een “korting” toe, waardoor – als Oma niet al te oud is – het te belasten bedrag voor het kind onder de € 19.500 zakt. Er is dan geen erfrecht verschuldigd en er komt geen verzoek tot aangifte Erfbelasting. U ziet, er hoeft lang niet altijd aangifte gedaan en Erfbelasting betaald te worden.

Hoeft u dan niets te doen? Ja toch wel. U moet vastleggen in een mapje wat het vermogen of de nalatenschap was op moment van overlijden en wie de erfgenamen waren. Als er een testament is, dan staat dat daar in aangegeven. Zo niet dan moeten erfgenamen dat vastleggen.

Het is verstandig het mapje te laten tekenen door alle erfgenamen. Als u dat mapje niet aanlegt, en Oma overlijdt, dan bestaat de kans dat vergeten wordt dat een deel van het vermogen waarover zij beschikt al eerder geërfd is door de kinderen. Over dat deel hoeft na het overlijden van oma geen (of niet nog eens) belasting betaald te worden.

U zult begrijpen dat als Oma overlijdt, en ze heeft niet teveel ingeteerd, er wel aangifte gedaan moet worden.

Ontvangen u of uw kinderen een aangifteformulier Erfbelasting en wenst u gratis hulp bij het invullen daarvan,dan kunt u zich tot ons wenden.

Werkgroep Erfbelasting.

Inlogformulier

Lees voor u gaat registreren: Uitleg registreren en inloggen (hiernaast)